Afsluiting van het jaar 2010

Zoals elk jaar sluit Speleo Limburg het jaar af met een uitje!
Dit jaar was een Geologische excursie in de Geulhemmergroeve gepland. Dit natuurlijk onder leiding van een gids.

20:00uur iedereen verzamelen voor de ingang van de Geulhemmergroeve, mooi om te zien dat er interesse is uit het hele land. Van Schoonhoven tot aan Vaals, natuurlijk komt de tak uit België weer 20 min te laat.

Na een zeer uitgebreid uitleg over de geologische aspecten en het ontstaan van de groeve (2,5 uur) door onze gids, kwamen we voldaan onder de grond uit.

Bij de stamkroeg van Laurens stond een natje en een droogje klaar, tot in de vroege uurtje werd er nog geborreld.

Namens Speleo Limburg wensen wij iedereen een grot vol 2011 !

Meer foto’s

Grand Champ

Door: Jolanda Spronck
De maandelijkse grottocht zou naar de Grand Champ gaan en ditmaal met

2 introducees die onze “aux arcades-keigel” bezocht hadden.
De Grand champ was vroeger, héél vroeger, één van mijn favoriete grotjes in België, leuk om effe in rond te sjravelen, dus ik vond het wel leuk om zo toch maar weer eens in een belgische grot te duiken.

De opkomst bleek aardig: Marco, Laurens, Peter en ik, Erik, Peter van Putten, Brecht en Alfons. Al op de heenweg ondervonden we enig oponthoud omdat we allemaal blijkbaar toch al lang niet meer in deze grot geweest waren, wààr lag dat ding ook alweer?

Maar ook in de grot, was het één grote zoekactie. Na heel wat heen en weer gekruip vonden we een doorgang, erg smalletjes (daarom draaiden sommigen waarschijnlijk om bij de eerste aanblik, zo van “dit kan niet goed zijn”). En wat zich daarachter bevond? smal, modderig, kruipen, klimmen.
Ik heb me de hele korte tocht zitten afvragen waar die leuke gang toch was die ik me herinnerde, gewoon

 een beetje kruipen door een stoffig gangetje? Zou het kunnen dat deze nu door de hoge waterstand was afgesloten?

We besloten op een gegeven moment dan toch maar om te draaien, de geluiden dat de kroegen gesloten zouden zijn als we nog langer in deze modderzooi zouden blijven rondkruipen, werden wat al te sterk. En aantrekkelijk was het natuurlijk wel, het vooruitzicht op..nee geen rochefort met wat voor nummer
 erachter dan ook, maar een lekkere warme chocomel (ik hoor sommigen al tandenknarsen)!

Resultaat van deze tocht: Alfons en Brecht vonden het eigenlijk wel leuk en gaven aan nog wel eens mee te willen gaan.
Overigens hadden we wat moeite om de juiste naam bij het juiste gezicht te plakken, dus werden ze gezamenlijk tot Albrecht omgedoopt; Het schoonmaken van de spullen kostte heel wat meer tijd dan de hele grottocht in beslag heeft genomen…

Limburgers uit Belgische grot gered

Limburgers uit Belgische grot gered

Dertien speleologen uit Limburg zijn zaterdag gered uit een grot in de omgeving van het Waalse Namen. Ze kwamen vast te zitten toen het water in de ondergrondse ruimte plotseling steeg als gevolg van de hevige regenval in België.
Door Niki van der Naald
De groep van introducees werd geleid door een Kerkradenaar en een Brunssummer, beide lid van de Limburgse afdeling van Speleo Nederland, bevestigt coördinator Charles Schaap. Zijzelf wilden gisteren geen reactie geven. Volgens Schaap is niemand gewond geraakt bij het incident en ‘was er eigenlijk weinig aan de hand’. De dertien speleologen zakten zaterdagochtend rond half elf de Trou d’Haquin in, een grot die vooral bekend staat als oefenterrein voor de nog niet doorgewinterde speleoloog. Door de aanhoudende regen ontstond een ‘crue’, een soort abrupte waterval, en kwam de toegangspoort tot de grot in het water te staan. Door die blokkade kon het gezelschap met geen mogelijkheid meer naar buiten. Volgens coördinator Schaap was er weliswaar regen voorspeld in België, maar was het niet onverantwoord om ‘s ochtends de grot in te gaan. “Toen was sowieso niet duidelijk hoe groot de wateroverlast in België zou zijn. Bovendien kun je zo’n crue niet voorspellen. Die stroom van afvalwater ontwikkelt zich totaal onverwacht. Deze grot is voor ons bekend terrein.” Hij zegt dat de expeditiedeelnemers op geen enkel moment in gevaar zijn geweest. “Niemand heeft in het water zelf gestaan. Ze stonden hoog en droog en hebben maar even vast gezeten.”

Reddingsdienst Spéléo-Secours wist de speleologen na een vier uur durende reddingsactie in veiligheid te brengen. De reddingsdienst werd rond half drie gealarmeerd door een groep speleologen uit Namen, die bij toeval ontdekte dat de groep uit Limburg vast zat. Schaap: “Vanuit zo’n grot kun je niet bellen, maar we hadden wel afgesproken dat we ons sowieso op een bepaald tijdstip zouden melden. Een geluk bij een ongeluk dat een voorbijganger eerder ontdekte dat er iets mis was.”

Foto’s van de Crue: http://picasaweb.google.com/lessansciel/TrouDHaquinEnCrue#

New bat species found in Ecuador

New bat species found in Ecuador

The bat was first discovered in 1979 in the forests of Ecuador
Scientists have discovered a tiny new species of bat in the western slopes of the Andes in northwestern Ecuador.

The first specimen of the species, which has been called Myotis diminutus, was collected more than 30 years ago.
But the researchers have only now confirmed that the little creature, which weighs just a few grams, is a distinct species.
They published a detailed description of the bat in the journal Mammalian Biology.
There are more than 100 species of Myotis bat, six of which can be found in Ecuador.

The bat’s narrow skull helped the scientists distinguish it as a new species

But “diminutive Myotis”, as the researchers have called it, is the smallest of this group of species yet known in South America.
The little brown bat weighs just 3.5g.
The scientists, based in Rio de Janeiro, Brazil and Washington DC in the US, wrote in the journal: “As with many other newly described species, we know nothing about the natural history of this bat.

“Unfortunately, the prospects for learning more about it are bleak.”
This is because the moist forests of western Ecuador, where the bat was discovered, are under threat, primarily from deforestation for agricultural purposes.
The researchers say the area faces an “uncertain future”.
The bat was found in a protected private reserve within the forest called the Río Palenque Scientific Center (RPSC).
“Myotis diminutus is at least the fifth new species of mammal described from the area in recent decades,” the scientists wrote

Bron: http://news.bbc.co.uk/earth/hi/earth_news/newsid_9185000/9185699.stm



Trou des Charrues en Carrière Souterraines des Grands Malades

Na een kleine zoektocht in Beez kwamen we aan bij Club Alpine Belge, nu nog de ingang van Trou des Charrues vinden.

We beginnen een stuk bos uit te kammen, autobanden, koelkasten, oude vaten en een reddingsdeken wijzen ons de weg! We zitten warm, boven aan een modder helling steekt een stuk Kars uit met een spleet er in, gevonden.

Terug naar de auto omkleden, keiharde muziek komt ons tegemoet. 2 klimmers zijn zich ook aan het omkleden. Na een praatje met de klimmers lopen we terug naar de ingang, Jolanda wurmt zich als eerste door de spleet, ik volg.

Droge modder leidt ons naar een afdaling, ik hang de stelling uit en daal af tot in de Carrière Souterraines des Grands Malades.

De pikzwarte steengroeve slurpt ons licht op en elk woord dat je spreekt gaat als een echo door de zaal, we maken een flinke ronde in Grands Malades. Ongelooflijk wat hier allemaal te zien is, menige grot zal hier jaloers op zijn.

Parels, spiegeleieren, kleine sinterbekkens, stalagmieten en vele andere vormen.

Na een dikke 2 uur verlaten wij de steengroeve en de grot, tot onze verbazing zijn er nu een 20 tal klimmers aanwezig. Ook de klimmers kijken verbaast als wij uit de struiken komen. Jolanda maakt nog een praatje met een van de klimmers, de klimrotsen zijn zeker geschikt om je touwtechnieken te oefenen!

Al met al is dit tussendoortje zeker de moeite waard.

>Meer foto’s<



Eric Establie overleden Grotte Source de la Dragonnière Ardeche

Na een zoektocht van 9 dagen heeft men Grot duiker Eric Establie dood terug gevonden.
http://www.speleo-secours-francais.com/index.php?option=com_content&view=article&id=423:2010-10-03-dragonniere-de-gaud-ardeche-07&catid=39:encours&Itemid=83

Info Grotte de la source de la Dragonnière: ww.plongeesout.com/sites/raba/ardeche/dragoniere%20source.htm

Lundi 11 octobre 2010 – 19 heures 00

Eric Establie a été retrouvé décédé cet après-midi par les plongeurs anglais à une distance d’environ 900-950m depuis la vasque d’entrée du siphon. Il se trouvait dans un point bas de cette galerie noyée, à une profondeur de -70m.

C’est une famille spéléologique meurtrie qui adresse ses condoléances à ses proches. Eric était sans aucun doute une élite et une référence en matière de plongée souterraine, un explorateur passionné hors pair et un membre actif des équipes du Spéléo Secours Français.

Un briefing doit maintenant décider de la suite à donner aux opérations.

It is unfortunately official. Update from Speleo Secours Francais at 7 PM French time:

Eic Establie was found dead this afternoon by the British divers at a distance of approximately 900 to 950 meters from the entrance of the sump. He was in a low point of this flooded passage, at a depth of -70 meters.

Wij wensen familie en vrienden veel sterkte.

British-led dive team break record with 8.8km cave dive

A British-led team of divers have surfaced after diving a world record-breaking 8.8km (5.5 miles) into the unexplored Pozo Azul cave system in Spain.

René Houben

Explorers Jason Mallinson, Rick Stanton and John Volanthen, along with Dutch caver Rene Houben (Limburg), charted new territory in a 50-hour voyage which saw them spend two nights camped deep underground.

‘It’s an incredible buzz to explore further than anyone has been ever before,’ said Mr Mallinson, from Huddersfield. ‘There was no wildlife down there, just a tunnel of crystal blue clear water stretching on and on.’

The team could only go as far as their safety line would allow before they had to turn back.

Mr Mallinson, 43, added: ‘The adrenaline builds when you realise you are looking at something nobody has ever seen before. It’s that which drives you forward.

‘You don’t get scared. But you are permanently conscious of your equipment. If the slightest thing goes wrong then you are in a position where you might never be coming back.’

The team began their two-and-a-half day foray into the Pozo Azul caves in Covenera, northern Spain, on Saturday. They used ‘scooters’ to pull them through three sumps – or underwater passages.

After sump two they emerged in a small dry cave area nicknamed Tipperary. It was there they spent two nights resting and replenishing their underwater breathing mixtures.

Measuring equipment told them exactly how much time they had bef­ore they used up the oxy­gen in the chamber.

They beat the 7.8km (4.8-mile) world record for the longest cave dive penetration, set last year at Wakulla Springs in Florida.

Support diver Martyn Farr, 59, said: ‘This explor­ation is akin to the first conquest of Mount Everest in 1953.’

Bron:http://www.metro.co.uk/news/840950-british-led-dive-team-break-record-with-8-8km-cave-dive

Exploratiekamp Carcaraia-gebied Italië

Door: Jolanda Spronck
De zomervakantie voerde ons ditmaal onder andere naar een speleokamp in Garfagnana, de Alpi Apuane in Noord-Toskane.
De Alpi Apuane hebben we meer dan 15 jaar geleden al eens willen bezoeken, met name de bekende grot Antro del Corchia. We hebben toen brieven laten vertalen en verstuurd naar italiaanse speleoverenigingen, echter geen enkele reactie met als resultaat dat het plan dood bloedde.
Anderhalf jaar geleden kwamen we weer op dat idee en nu met internet bleek het gemakkelijker om mailadressen te verzamelen van lokale speleologen. Er werden heel wat mailtjes verstuurd maar slechts één persoon reageerde: Pietro, een webmaster van speleoclub Garfagnana. Met hem konden we afspreken dat hij ons wat grotten zou laten zien etc.
Eenmaal ter plekke resulteerde dit in de “traversata classico del Antro del Corchia”, een leuke doorsteek. Meer zat er niet in, omdat hij moest werken. Wij ondervonden tegelijkertijd dat het vrijwel onmogelijk was om op eigen houtje de ingangen te vinden van de talrijke (diepe) grotten in dat gebied. De beschikbare informatie was te vaag.

Dit was de reden waarom Peter en ik besloten om een weekje deel te nemen aan het exploratiekamp van speleoclub Garfagnana in het Carcaraia-gebied, we wilden vooral veel ingangen zien en als het even kon, ook nog wat mee grotten. De informatie die Pietro ons stuurde was minimaal en eenmaal onder aan de berg probeerde ik hem nog eens te bellen. Hij bleek het kamp verlaten te hebben vanwege familieproblemen, maar zou de volgende dag terugkomen. We kregen wel een vage routebeschrijving naar het kamp, hoorden we dat er in elk geval water was (dat hoefden we dus niet mee bergop te slepen), maar dat we beter wel voor ons eigen voedsel konden zorgen (dit moest dus mee in de rugzak).
Na een steile wandeling en wat gokken over de richting, vonden we zowaar het basiskamp: een grote gemeenschappelijke tent, met in de buurt wat kleinere tentjes. Niemand aanwezig, maar we hadden wel mensen op de berghelling gehoord. Toen we onze tent hadden opgezet kwam er een jeep aangereden met 2 italiaanse speleo’s. Na een tijdje volgde ook de rest.
Diezelfde avond werd duidelijk dat maar een paar mensen een beetje engels spraken, dat de groep onder mekaar logischerwijs Italiaans sprak en het vrijwel onmogelijk was daar iets van te verstaan (te snel en ook nog met een plaatselijk accent) en dat Pietro voorlopig niet zou verschijnen. Wel had hij geregeld dat een paar mensen de dag erna een tocht naar de Chimera zouden doen, een zogenaamde “toeristentocht” wat bij hun het verschil aangeeft tussen gewoon grotten voor de sport (toeristisch dus) en exploreren.
Peter ging mee en ik bleef in het kamp met Lenka, in eerste instantie gedwongen niets doend in de grote tent vanwege de hoosbuien (heb ik wel kunnen gebruiken voor een “praatje” met een lokale speleo secours man, aanhalingstekens vanwege het feit dat deze alleen Italiaans sprak en mijn Italiaans…). Toen het opklaarde besloot ik terug naar de auto te lopen om nog een grondzeil op te halen, dat van onze tent bleek namelijk weer eens niet bestand tegen natte ondergrond.

’s Avonds laat kwamen de grotters terug, het was een geslaagde tocht geweest en Peter had een eerste indruk gekregen van hun grote exploratie-project: een grot waarvan de ingang 20 jaar geleden gevonden is maar weinig voortgang gaf, die 2 jaar geleden door deze groep verder geëxploreerd werd tot 900 meter en waarvan ze telkens nog bij vinden. Ze gaan er regelmatig enkele dagen in bivakkeren op 700 meter om vandaaruit verder te exploreren.

De rest van de week stond in het teken van het slechte weer, met name de eerste helft van de week; exploratieplannen waarbij wij niet ingepland waren maar wel welkom; communicatie die moeizaam verliep, tussen ons en hen vanwege de taal maar ook tussen hen onderling omdat eenmaal geplande tochten elk moment weer bleken te veranderen; een reddingstocht in de Saragato die gelukkig achteraf niet nodig bleek. En uiteindelijk bleek er een zeker Bruno rond te lopen, een speleoloog van begin 50 die al dat ge-exploreer met de jonkies (gemiddelde leeftijd was er rond de 30) niet meer zo zag zitten maar zich toegelegd had op het in kaart brengen van de ingangen. Van hem kregen we meer informatie los over het zogenaamde meno mille sentieri, een pad dat 2 jaar geleden was gemarkeerd langs alle -1000 m grotten, vanwege de jaarlijkse landelijke speleo-bijeenkomst in dit gebied. We gingen op zoek naar het pad en kwamen zo langs een aantal grotten: de gigi squizio, de Arbadrix, de Saragato en de Roversi. Samen met de Chimera en de vorig jaar nog gevonden Aria Ghiacci, kennen we nu dus wat ingangen in dit gebied. En hebben we wat extra contacten gelegd zodat we vooraf informatie kunnen krijgen over of er permanente koorden hangen etc.
De grotten waarin geëxploreerd wordt, zoals de Chimera, de Saragato en de Roversi, zijn nl ge-equipeerd, zodat men snel naar een (ook volledig ingericht) bivak kan afdalen en kan exploreren.
Het is alleen altijd de vraag of de Italianen ook reageren op emails….

Conclusie van deze week: Een geweldig gebied met op een korte afstand een aantal heel diepe grotten (Roversi -1250, Chimera -1000, en dan nog andere variërend van 300 tot 800); de grotten bestaan uit vooral putten met daartussen zo nu en dan heel smalle passages, de steen is bepaald niet stabiel dus veel risico op steenval in de putten; de aanloop naar de grotten is stevig, zonder jeep ben je al snel 1,5 uur steil bergop aan het lopen, met jeep heb je een sleutel nodig van een versperring, maar kun je de aanlooptijd wel wat terugbrengen

Klimweekend 2010

Het klimweekend 2010 is weer voorbij!

Vrijdag avond druppelde al wat mensen binnen in de groeve van Villers le Gambon nabij Philippeville. Na een natje en een droogje ging iedereen slapen.

Zaterdag werden er stellingen uitgehangen en volop geklommen door jong en oud, ‘s avonds een heerlijke BBQ onder leiding van onze Chef BBQ Bart. Nadat het eten was gezakt maakten de kinderen het kampvuur aan met fakkels en ging de dansvloer open.

DJ Theunissen en Co draaiden muziek tot in de vroege uurtjes.

Zondag liep 80% met een kater een boterham weg te werken, tegen 12uur hing iedereen weer aan de koorden. Aan alle mooie dingen komt een einde, tegen 16uur verlaten wij de groeve van Villers le Gambon.

Wederom een zeer geslaagd klimweekend, de organisatie bedankt iedereen voor zijn komst en tot volgend jaar.

Film: Peter Goossens

Foto’s Henk Theunissen
Foto’s Dennis Verbruggen